Bronstijd West-Friesland

Lees hier hoe West-Friesland 3000 jaar geleden was

Category: Onderzoek (page 1 of 2)

Archeologen vragen hulp!

Onze website wordt goed bezocht en we krijgen vaak leuke reacties van onze volgers. Daar zijn we uiteraard erg blij mee! Maar misschien kan het nog beter. Daarom willen we graag horen wat jullie op onze site zouden willen zien. Laat het ons weten door deze korte vragenlijst in te vullen. Bovendien maak je kans op een jaar lang gratis Archeologie Magazine!

Opgravingen langs de Streekweg in Hoogkarspel

Enkele maanden geleden hebben archeologen twee terreinen ten zuiden van de Streekweg opgegraven, in het kader van de aanleg van de N23-Westfrisiaweg. Dit gebied kent een lange geschiedenis van onderzoek naar resten uit de bronstijd. Halverwege de jaren 60 begonnen archeologen van de Universiteit van Amsterdam hier voor het eerst met grootschalig nederzettingsonderzoek (Hoogkarspel-Tolhuis). Wat hebben al deze opgravingen aan bronstijdresten opgeleverd? In dit artikel wordt een kort overzicht gepresenteerd.

PNH 8873

Luchtfoto waarop enkele werkputten met bronstijdsporen te zien zijn van het onderzoek in 1968 op vindplaats F.

We kennen de grafheuvels, maar hoe zagen de nederzettingen eruit?

In de jaren 40 en 50 werden enkele Westfriese bronstijd grafheuvels onderzocht. Over de nederzettingsterreinen was in die tijd nog nauwelijks iets bekend. De archeologen Bakker en Brandt schrijven hierover: ‘(…) dat er een dringende behoefte bestond aan een onderzoek van een nederzettingscomplex in oostelijk West-Friesland – bij voorkeur met veel mobilia in stratigrafisch verband!’ Een bodemkartering door Ente en zijn collega’s uit Wageningen halverwege de jaren 50 leverde, naast een prachtige kaart met bodemsoorten van oostelijk West-Friesland, voor het eerst ook een overzicht op van ‘oude woongronden’. Hiermee werden terreinen bedoeld waar veel (voornamelijk prehistorische) vondsten aan het oppervlak werden gevonden. Kort na de publicatie van Ente deed dhr. Schipper uit Zwaag in 1964 melding van aardewerk en hoogteverschillen op een perceel ten zuiden van de Streekweg. De archeologen van het Albert Egges Van Giffen Instituut voor Prae- en Protohistorie (IPP) van de Universiteit van Amsterdam namen poolshoogte en begonnen met opgravingen.

tolhuis

Locatie van de verschillende opgravingen ten zuiden van de Streekweg. De vindplaatsen zijn met een letter aangegeven. De twee terreinen die in 2014 zijn opgegraven zijn met een stippellijn weergegeven.

In de jaren 1964-65 werden enkele kleine werkputten aangelegd (vindplaats A, B, C en E). In 1965 vond op vindplaats D een meer uitgebreid onderzoek plaats. Hier werden twee grafheuvels uit de midden-bronstijd ontdekt en een graf met vrouw en kind. Naast de grafheuvels werden ook enkele zeer vondstrijke greppels uit de late bronstijd onderzocht. In de zomer van 1966 begonnen de archeologen met echt grootschalig onderzoek in het westen van het terrein, vindplaats F. Daar werd vrijwel aaneengesloten gegraven tot in het voorjaar van 1969. In 1979 werd nog een groot (westelijk) deel van de vindplaats opgegraven. Toen bleef het lange tijd stil. Totdat archeologen in november vorig jaar een tweetal terreinen grenzend aan vindplaats F konden opgraven.

Vindplaats F. Bewoningssporen en akkers uit de midden-bronstijd (ca. 1500-1100 v. Chr.)

Tijdens het oude onderzoek is in totaal bijna 2,3 ha opgegraven. Het onderzoek uit 2014 heeft daar nog eens 1,5 ha aan toegevoegd. Op het onderstaande overzicht staan alle sporen en structuren van de opgravingen op vindplaats F weergegeven. De meeste sporen bestaan uit nederzettingsresten uit de midden-bronstijd. Zoals gebruikelijk domineren greppels het overzicht. Deze zijn gegraven rond boerderijen (huisgreppels) en vormen vaak de begrenzing van de erven. Op 13 plekken zijn boerderijen aangetroffen. Aan de opeenvolging van boerderijen is te zien dat sommige plekken enkele generaties als woonerf in gebruik zijn geweest.

askaardvplF

Overzicht van alle bronstijdsporen op vindplaats F. De huisplaatsen zijn met een rood raster weergegeven. Sporen uit de midden-bronstijd bestaan uit greppels (blauw) en kringgreppels (groen). In bruin de greppelsystemen uit de late bronstijd.

De Westfriese bronstijdboerderijen hebben een driebeukige indeling. De dakdragende constructie bestaat uit een rij gebinten die op regelmatige afstand van elkaar zijn geplaatst, de lengte van de boerderijen varieert van 10 tot wel 25 meter. Van de wanden vinden we bijna nooit iets terug. We vermoeden dat deze uit plaggen hebben bestaan. Heel soms worden er stakenrijen ter hoogte van de wand gevonden, die zullen langs de plaggenwand hebben gestaan. Bij enkele plattegronden van Tolhuis F zijn enkele smalle greppeltjes ter hoogte van de wand gevonden. Deze wandconstructie is nog nergens anders aangetroffen in West-Friesland. In deze greppels kan een plank of balk zijn gelegd waarop staken hebben gerust. Dit kan ook zijn uitgevoerd in combinatie met een plaggenwand.

 

hs08

Sporen van een huisplaats uit de midden-bronstijd (zwart) op vindplaats F. De breedte van de boerderij kan worden bepaald door wandgreppels (blauw raster). De dakdragende constructie is in rood raster weergegeven.

Op de erven zijn honderden kleine ronde structuren gevonden, smalle greppeltjes die in een cirkel van ongeveer 4 meter zijn gegraven. Deze kringgreppeltjes zijn typische Westfriese bronstijdstructuren die mogelijk met de opslag van de oogst te maken hebben.

Bijzonder aan de vindplaats is dat over grote delen van het terrein sporen van akkerpercelen zijn gevonden. Op plekken waar de ploeg diep in de ondergrond sneed, zijn smalle ploegkrassen bewaard gebleven. De ploegkrassen zijn zowel over als onder nederzettingssporen waargenomen. Dit betekent dat oude erven later in gebruik zijn genomen als akker en dat op oude akkers boerderijen zijn gebouwd. Deze bewoningsdynamiek zien we op veel Westfriese nederzettingsterreinen terug, maar alleen tijdens het onderzoek langs de Streekweg kon deze opeenvolging op enkele plekken ook worden vastgesteld in het bodemprofiel. Dit is een unieke situatie die het mogelijk maakt vraagstellingen over de aard en tijdsdiepte van de verschillende activiteiten voorafgaand, tijdens en na de bronstijd te onderzoeken.

Vindplaats F. Erven uit de late bronstijd (ca. 1100-800 v. Chr.)

Op vindplaats F zijn twee grote concentraties met sporen uit de late bronstijd aangetroffen. Op onderstaand overzicht is duidelijk te zien dat we hier te maken hebben met een ander nederzettingssysteem dan in de voorgaande periode. In plaats van een uitgestrekt gecultiveerd landschap met greppels en boerderijen die zich over een groot gebied uitstrekken, zien we in de late bronstijd een clustering van bewoning, die zich kenmerkt zich door greppelbundels die percelen van ca. 50 x 50 m omsluiten.

In het noordoosten zijn twee huisplaatsen aangetroffen binnen enkele forse greppels uit de late bronstijd, die zeer waarschijnlijk geassocieerd kunnen worden met de greppelsystemen. We moeten voorzichtig zijn met het dateren van structuren op basis van mogeljke associaties, maar er is nog een aanwijzing dat de plattegronden in de late bronstijd dateren. Paalkuilen van één huis snijden namelijk een greppel die in de late bronstijd dateert. De huizen lijken wat betreft opbouw nog sterk op de huizen uit de midden-bronstijd, een driebeukige indeling en op regelmatige afstand van elkaar geplaatste gebinten. Alleen de kenmerkende huisgreppel ontbreekt. De forse greppels rondom de huisplaatsen zullen een belangrijke drainerende functie hebben gehad.

In het noordwesten zien we een greppelsysteem uit de late bronstijd met een wel zeer strakke layout. Het onderzoek dat hier werd uitgevoerd (in 1979) was vooral gericht op stratigrafie en chronologie van bewoningssporen uit de late bronstijd. Door het bestuderen van de oversnijdingen en opvullingen van de greppels, kon men destijds vaststellen dat de greppels in de loop van de late bronstijd steeds verder vanuit het ‘binnenterrein’ zijn aangelegd. Uniek voor dit complex is de aanwezigheid van late bronstijd sporen binnen het greppelsysteem. Van de opgraving Bovenkarspel-Het Valkje kennen we vergelijkbare greppelsystemen, maar de binnenterreinen zijn daar leeg. In Hoogkarspel zijn op het binnenterrein enkele greppelstructuren en stakenrijen waar te nemen. De afmeting en vorm van de greppelstructuren heeft wel wat weg van huisgreppels, maar paalkuilen ontbreken. Deze zou je hier wel kunnen verwachten net als binnen het nabijgelegen complex uit de late bronstijd. De kleine greppelstructuren kunnen ook een andere functie hebben gehad, bijvoorbeeld als omheining voor vee.

lbt

De twee spoorclusters uit de late bronstijd op vindplaats F. In het westen bevindt zich een rechthoekig omgreppeld terrein (zwart) met enkele greppelstructuren op het binnenterrein (rood). In het oosten kunnen enkele greppels (zwart) met huisplaatsen (blauw) worden geassocieerd.

Eerste resultaten van het onderzoek uit 2014

De uitwerking van de opgraving van enkele maanden geleden is nog niet volledig afgerond. Een overzicht van de sporen en structuren ontbreekt daarom nog, maar er kunnen wel enkele interessante observaties worden gedaan. De opgraving concentreerde zich ten noorden en zuiden van vindplaats F. Het was voor de archeologen spannend of de unieke complexe stratigrafie nog aanwezig zou zijn, dus dat cultuur- en akkerlagen van elkaar gescheiden waren. Dit bleek helaas niet het geval te zijn. De ondergrond van het perceel waarop het onderzoek zich concentreerde bleek tot grote diepte te zijn verstoord. Op sommige locaties die grensden aan de oude ‘volle’ opgravingsputten werd geen enkel bronstijdspoor meer aangetroffen. Dit laat zien maar weer eens zien hoe vernietigend de ruilverkaveling kon zijn voor het bodemarchief. Gelukkig waren andere delen van het perceel minder ingrijpend op de schop gegaan, per perceel kan dit dus verschillen maar ook binnen één perceel. Op een groot aantal plekken konden toch nog veel bronstijdsporen worden opgetekend.

In het zuiden bevinden zich enkele huisplaatsen en weer veel greppels. Een aantal bronstijdgreppels die 50 jaar geleden zijn gevonden, sluiten mooi aan op de greppels in de nieuwe opgravingsputten. In het noorden zijn naast vele tientallen kringgreppels veel greppels van het late bronstijd complex aangetroffen. Deze konden nog zeker 40 m in westelijke richting worden gevolgd, wat het gehele complex dus een stuk omvangrijker maakt. Voor het oude onderzoek op vindplaats F waren geen 14C-dateringen beschikbaar. Het huidige onderzoek stelt ons in de gelegenheid om gericht enkele contexten voor 14C-onderzoek te dateren, zodat we voor het de hele vindplaats een meer gedetailleerd beeld kunnen krijgen van ontwikkelingen in de midden- en late bronstijd.

hkltunnel

De opgraving ten zuiden van de Streekweg in 2014. Links op de achtergrond is de Watertoren van Hoogkarspel te zien.

Meer lezen over het oude onderzoek van Hoogkarspel-Tolhuis?

Bakker, J.A., & R.W. Brandt, 1966: Opgravingen te Hoogkarspel III: Grafheuvels en een terp uit de Late Bronstijd ten ZW van het Medemblikker Tolhuis. (Westfriese Oudheden, 9). West-Frieslands oud en Nieuw 33, 176-224.

Bakker, J.A., & W.H. Metz, 1967: Opgravingen te Hoogkarspel IV: Het onderzoek in 1966 van vindplaats F ten ZW van het Medemblikker Tolhuis (voorlopige mededeling). (Westfriese Oudheden, X), West-Frieslands Oud en Nieuw 34, 202-228.

Bakker, J.A., Ph. J. Woltering & W.J. Manssen, 1968: Opgravingen te Hoogkarspel (V). Het onderzoek van vindplaats F in 1967 (voorlopige mededeling). (Westfriese Oudheden, XI), West-Frieslands Oud en Nieuw 35, 192-199.

 

Engelse fossielen in Westwoud

Het is alweer enige tijd geleden dat de opgraving aan de Noorderboekert bij Westwoud is afgerond. Tijdens dit onderzoek werd een gedeelte van een akker uit de Late Steentijd blootgelegd (circa 2100 voor Christus). Deze akker bevond zich op de ongeveer 100 meter brede oever van een kreek. Deze kreek doorsneed een zeer waterrijk gebied met plassen, venen en moerassen. Een type landschap dat vandaag de dag niet meer bestaat in Nederland. Dit type landschap bestaat nog wel voor de kust van Abu Dhabi in de Verenigde Arabische Emiraten (zie foto boven).

De kust van Abu Dhabi (foto: P. Scholle).

Het Verdonken land van Saefthinge (foto: W. Metz).

Rond 1800 voor Christus was het landschap volledig veranderd en goed vergelijkbaar met het huidige landschap in het Verdronken Land van Saefthinge (zie foto rechts). Als je de plaatjes vergelijkt zie je hoe in een korte periode van nog geen driehonderd jaar Westfriesland werd omgetoverd van zee (links) naar land (rechts).

Tijdens de opgraving is een grondmonster genomen waarin de overgang van het ene landschap naar het andere landschap goed bewaard is gebleven. Dit grondmonster wordt op dit moment door vijf specialisten minutieus onderzocht om erachter te komen hoe en waarom het landschap van West-Friesland zo snel veranderde.

Afgelopen week werden de eerste resultaten van dit onderzoek gemeld aan onze onderzoeksgroep. Simon Troelstra van de Vrije Universiteit (http://www.falw.vu.nl/en/research/earth-sciences/earth-and-climate-cluster/staff/troelstra.asp) heeft voor EARTH-Integrated Archaeology (http://earth-archeologie.nl/) onderzoek gedaan naar resten van ostracoden en foraminiferen. Ostracoden zijn mosselkreeftjes, minuscule kreeftjes die in brak en zout water vaak in grote aantallen aanwezig zijn. Foraminiferen zijn eencellige organismen die eveneens in grote aantallen voorkomen in brak en zout water. Beide soorten hebben kalkschaaltjes, zijn zeer gevoelig voor verandering in hun leefomgeving en kunnen ons dus iets vertellen over de grote omslag in het milieu van West-Friesland. De schelpen van de kreeftjes en de kalkskeletjes van de eencelligen blijven namelijk heel goed bewaard in de kalkrijke ondergrond van West-Friesland.

In het grondmonster dat Simon heeft bestudeerd is iets opvallends te zien. Een aantal foraminiferen komt namelijk helemaal niet uit Nederland maar uit Engeland. Het zijn ook geen gewone schelpen en skeletjes maar fossielen. De fossiele soorten die Simon heeft aangetroffen dateren allemaal uit het Krijt, de periode waarin dinosauriërs onze aarde bevolkten, zo’n 145-66 miljoen jaar geleden. Hoe komen deze fossielen nu eigenlijk in Nederland terecht?

zeestromen

Zeestromingen en de verspreiding van gesteente uit het Krijt.

Aan de Zuidkust van Engeland liggen gesteenten uit het Krijt, denk aan de White Cliffs of Dover. Na erosie werd dit materiaal door de onderstroom naar West-Friesland gevoerd waar het kon bezinken in de plassen langs de kreken. Het gebied waar deze soorten in Engeland voorkomen is niet heel erg groot. Je kunt je voorstellen dat mensen die in de Bronstijd op deze plaats leefden soms met een boot de zee opgingen. Als ze zich op de zeestroom lieten voortdrijven konden ze uiteindelijk in West-Friesland aan wal gaan. Of dat echt zo is gegaan blijft natuurlijk gissen.

Mocht je in West-Friesland op zoek willen gaan naar deze fossielen neem dan wel een microscoop mee. Het streepje in de linkerbovenhoek van de foto is 100 micrometer dat gelijk staat aan 0,1 millimeter.

Groene pijl stekel van een zee-egel, gele pijl fossiele foraminifeer (foto: S. Troelstra).

 

 

 

Vissers in bronstijd West-Friesland (in 3D)

West-Friesland staat al eeuwen lang bekend om zijn visserij. Door de uitstekende ligging van steden als Medemblik en Enkhuizen aan de Zuiderzee vormde het gebied al vanaf 700 n.Chr. een belangrijke schakel in de handelsroute tussen de Rijn en de Noord- en Oostzee. Er werd veel vis gevangen en verhandeld, wat door de eeuwen heen een belangrijke bron van inkomsten is geweest voor de Westfriezen.

Nu lijkt dit misschien al erg lang geleden, maar zelfs in de bronstijd werd er al volop vis gevangen en gegeten in West-Friesland. Vissoorten als paling, snoek, brasem en baars stonden 3000 jaar geleden vaak op het menu. Hoewel de meeste mensen nu vaak zeevis op hun bord hebben, waren het toen vooral zoetwatervissen die werden gegeten. Dit komt omdat het landschap rond West-Friesland er in de bronstijd heel anders uitzag dan nu. Nu ligt West-Friesland aan het IJsselmeer en daarvoor was er de Zuiderzee. Maar deze bestonden nog niet in de bronstijd. Er lagen grote zoetwatermeren op deze plek. Een groot deel van het gebied had geen verbinding met de Noordzee. Eigenlijk had de zee maar directe invloed tot Hoogwoud en tot daar vinden we dan ook zeevis terug tussen het bronstijd afval.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

Reconstructie van het landschap in West-Friesland rond de Midden-Bronstijd (1500-1100 v.Chr.).

Reconstructie van het landschap in West-Friesland rond de Midden-Bronstijd (1500-1100 v.Chr.).

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

Ten oosten van Hoogwoud is geen zeevis teruggevonden. Zoutwatervissen kwamen daar niet voor en blijkbaar werden ze ook niet ingevoerd vanuit het westen.  Mensen visten gewoon rond hun woonplaats en aten de gevangen vis daar op. En dat is handig, want zo leren we gelijk iets over het landschap rondom de woonplaatsen. Zo werden er meervallen gegeten. Deze vissen leven in groot open water en zo weten we dat er in oostelijk West-Friesland grote meren waren. Andere vissoorten komen weer uit kleine meren en stroompjes. Door zoiets simpels als een lekker visje weet je dus niet alleen wat mensen gegeten hebben, je krijgt ook gelijk een beeld van het landschap.

Omdat er zoveel verschillende soorten vissen zijn gevonden op de nederzettingen, is het duidelijk dat de Westfriezen in de Bronstijd al goed raad wisten met al het water in de omgeving. Men moest kennis hebben gehad van wanneer en waar verschillende vissoorten te vinden waren en hoe die gevangen konden worden. Soms wordt dit om een prachtige manier duidelijk. Zo is er bij Enkhuizen in 2009 een visfuik gevonden, gemaakt van aan elkaar geknoopte wilgentenen.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

De visfuik uit Enkhuizen, Kadijken zoals hij tijdens de opgraving van ADC ArcheoProjecten werd gevonden. (Laden kan even duren)

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

De visfuik uit Enkhuizen zoals  hij er ongeveer uit heeft gezien in de Bronstijd (Bron: IJsveld, E. 2014. Reconstructing a prehistoric fishtrap. EXARC Journal 2014 (1), Eindhoven)

De visfuik uit Enkhuizen zoals hij er ongeveer uit heeft gezien in de Bronstijd (Bron: IJsveld, E. 2014. Reconstructing a prehistoric fishtrap. EXARC Journal 2014 (1), Eindhoven)

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

Verder zullen mensen ook gebruik hebben gemaakt van netten, visweren en dergelijke, maar deze zijn (nog) niet teruggevonden in West-Friesland. Ook is het duidelijk dat mensen handig gebruik maakten van periodes in het jaar waarin bepaalde vissen zich van en naar zee verplaatsten: de trek. Vissen als zalm en paling zijn dan in grote hoeveelheden tegelijk aanwezig en daarom makkelijker te vangen dan in andere perioden.

Maar niet op alle plekken werd op dezelfde manier vis gevangen. Iedere plaats had zijn eigen maniertjes. Zo werd er in Medemblik en Enkhuizen paling gegeten, maar de diktes van de vissen laat zien dat er anders gevist werd: op de ene plek met fuiken en op de andere met weren. En in Hoogwoud werd waarschijnlijk aan bottrappen gedaan, zo blijkt uit de snijkrassen op de ruggenwervel van een platvis. Bij deze vangsttechniek waadt men bij eb door het ondiepe water en wanneer men op een platvis trapt, wordt deze met de voeten op de plaats gehouden en met een speer doorboord.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

Op vergelijkbare wijze is waarschijnlijk in de Bronstijd platvis gevangen (Bron: Egoproject en Kees Vanger)

Op vergelijkbare wijze is waarschijnlijk in de Bronstijd platvis gevangen (Bron: Egoproject en Kees Vanger)

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie noord-holland prehistorie

Hak- en snijkrassen op vissenbotten uit de bronstijd geven aanwijzingen dat mensen vis gefileerd hebben en verbrandingssporen op botten laten zien dat de vis werd bereid voor het eten. We weten niet precies hoe de vis werd bereid, maar het zou zo maar kunnen dat West-Friezen in de Bronstijd al van een lekkere gerookte paling konden genieten!

Beesten en bronstijd rituelen

In Trouw verscheen vorige week een artikel over een heiligdom in de Jordaanvallei uit de 7de eeuw voor Christus. Archeologen van het Rijksmuseum van Oudheden (Leiden) en de Yarmouk Universiteit (Jordanië) vonden in en rond het gebouw aardewerken beeldjes van paarden. Met een grote foto stonden deze prachtige beeldjes in de krant. Maar Jordanië is niet de enige plek waar dierenbeeldjes zijn gevonden.

bronstijd prehistorie west-friesland archeologie bronstijd prehistorie noord-holland archeologie

Paardje van aardewerk uit 7de eeuw v.Chr., gevonden in Tell Damiyah (Jordanië).

Paardje van aardewerk uit 7de eeuw v.Chr., gevonden in Tell Damiyah (Jordanië). (Bron: Rijksmuseum van Oudheden)

bronstijd prehistorie west-friesland archeologie bronstijd prehistorie noord-holland archeologie

Ook in West-Friesland zijn namelijk dierenbeeldjes van aardewerk gemaakt. Recentelijk is er nog eentje gevonden aan de Haling in Enkhuizen. En in de buurt van Hoogkarspel zijn niet minder dan twintig beeldjes gevonden van varkens en koeien. Deze beeldjes zijn in één kuil gevonden, samen met wat vuursteen, bot en potscherven. De potscherven zijn van een materiaal en vorm die typisch is voor de periode tussen 1500 en 800 v.Chr. De West-Friese beeldjes zijn dus nog ouder dan de paardjes uit Jordanië.

bronstijd prehistorie west-friesland archeologie bronstijd prehistorie noord-holland archeologie

Vier van de twintig beeldjes van een varken (voor) en koeien (achter) die in de buurt van Hoogkarspel zijn gevonden. De beeldjes zijn ongeveer 4 bij 6 cm groot. (Bron: Rijksmuseum van Oudheden)

Vier van de twintig beeldjes van een varken (voor) en koeien (achter) die in de buurt van Hoogkarspel zijn gevonden. De beeldjes zijn ongeveer 4 bij 6 cm groot. (Bron: Rijksmuseum van Oudheden)

bronstijd prehistorie west-friesland archeologie bronstijd prehistorie noord-holland archeologie

Deze West-Friese beeldjes zijn heel bijzonder. Er zijn namelijk geen andere voorbeelden uit Nederland bekend. Het is dan ook niet voor niets dat deze beeldjes in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden staan. Maar waar de beeldjes nou precies voor gebruikt zijn is een raadsel. Enkele van de beeldjes uit Hoogkarspel waren gebroken en na het breken zijn ze verbrand. Maar door wie en waarom? Sommige archeologen denken dat het simpelweg kinderspeelgoed was dat in het vuur terecht is gekomen, terwijl het volgens anderen rituele voorwerpen waren.

Wat wel duidelijk is, is dat dieren, en met name runderen, paarden en vogels, een belangrijke rol speelden in de religie(s) van de bronstijd. Dierensymbolen komen namelijk op bijzondere plekken en in opvallende vormen voor. Zo komen paarden en runderen (soms met ploeg) vaak voor op rotsgravures (die vooral in Scandinavië zijn te vinden).  In het Deense Viksø zijn indrukwekkende bronzen helmen met hoorns gevonden. Bij Trundholm is een prachtige met goud ingelegde zonnewagen gevonden die wordt getrokken door een paard. In het veen bij het Drentse Barger-Oosterveld stond 3500 jaar geleden een tempel die was versierd met hoorns. En in West-Friesland zelf werden opvallende dingen gedaan met runderbotten. Bundels van ribben worden namelijk regelmatig in de sloten rondom grafheuvels gevonden en er is zelfs een grafheuvel met daaronder niets dan een potje met een runderrib erin.

bronstijd prehistorie west-friesland archeologie bronstijd prehistorie noord-holland archeologie

http://www.bronstijdwestfriesland.nl/wp-content/uploads/2014/12/razor.jpg

Bronzen scheermes

Een tekening van een bronzen scheermes uit de bronstijd. Op de scheermessen stonden vaak gravures. Hier is het zonnepaard (midden) te zien bij een boot met vogelkop (links). Het scheermes zelf heeft ook de vorm van een boot. (Bron: Tanum Rock Art Research Centre)
http://www.bronstijdwestfriesland.nl/wp-content/uploads/2014/12/vikso_helm.jpg

Viksø helm

In het Deense Viksø zijn twee van dit soort helmen in het veen gevonden. Ze dateren uit het begin van het eerste millennium v.Chr. (Bron: Nationaal Museum Denemarken)
http://www.bronstijdwestfriesland.nl/wp-content/uploads/2014/12/bargeroosterveld.jpg

Tempel Barger-Oosterveld

In het veen van het Drentse Barger-Oosterveld zijn de resten van een bronstijd tempel gevonden. De tempel dateert rond 1500 v.Chr. (Bron: Musea in Drenthe)
http://www.bronstijdwestfriesland.nl/wp-content/uploads/2014/12/trundholm_chariot.jpg

Trundholm zonnewagen

In Trundholm is deze met goud ingelegde zonnewagen gevonden. De wagen dateert rond 1400 v.Chr. (Bron: Nationaal Museum Denemarken)
http://www.bronstijdwestfriesland.nl/wp-content/uploads/2014/12/Aspeberget_Tanum.jpg

Rotsgravure

Een Rotsgravure uit Aspeberget Tanum in Zweden. Op de gravure staan onder andere runderen met ploeg en paarden. (Bron: SHFA)

bronstijd prehistorie west-friesland archeologie bronstijd prehistorie noord-holland archeologie

Achter al deze vondsten zit waarschijnlijk een fascinerend verhaal. Zo is met behulp van een grote hoeveelheid rituele voorwerpen en tekeningen op rotsen en bronzen scheermessen het verhaal achter de zonnewagen uit Trundholm in grote lijnen te vertellen. We hebben hier te maken met de wagen die overdag de zon (de goud ingelegde schijf) door de hemel trekt. ’s Nachts duikt de zon onder water (de donkere, bronzen achterzijde van de schijf), waar hij per boot wordt vervoerd om vervolgens in het oosten weer op te komen.

Maar helaas is de zonnewagen een uitzondering. De meeste vondsten zullen waarschijnlijk altijd een raadsel blijven. Jammer genoeg ook de West-Friese dierenbeeldjes.

Archeologische opgraving Westfrisiaweg gefilmd

Op zaterdag 29 november was er een publieksdag bij de archeologische opgravingen in het tracé van de Westfrisiaweg. Meer dan 200 mensen trotseerden het gure weer en kwamen een kijkje nemen! Voor degenen die er niet bij konden zijn heeft Stichting Projector (Westfries Genootschap) het allemaal gefilmd.

Kijkje bij een bronstijd opgraving… in 3D!

Onze collega’s van ADC ArcheoProjecten en Archol zijn hard aan het werk in het tracé van de Westfrisiaweg. Uiteraard zijn we ontzettend nieuwsgierig naar wat ze allemaal voor moois uit de bronstijd vinden, dus zijn we afgelopen woensdag met ons team een kijkje gaan nemen. Momenteel wordt er op vier plekken in de buurt van Hoogkarspel opgegraven: Markerwaardweg, Hoogkarspel tunnel, Slimweg en Voetakkers. En op elke locatie is wel iets leuks gevonden! Een mooie kans om onze nieuwe 3d-software uit te proberen.

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

De projectkeet op de opgraving hangt vol met kaarten. Wouter legt ons uit waar er allemaal gegraven wordt en wat er tot nu toe is gevonden.

De projectkeet op de opgraving hangt vol met kaarten. Wouter (die het project mede coördineert) legt ons uit waar er allemaal gegraven wordt en wat er tot nu toe is gevonden.

Kaart uit de keet met daarop de locaties van de opgravingen (de opgraving aan Voetakkers valt buiten de kaart).

Kaart uit de keet met daarop de locaties van de opgravingen (de opgraving aan Voetakkers valt buiten de kaart).

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Onze rondleiding begon bij Hoogkarspel Tunnel. De opgravingen op deze plek zijn bijzonder, omdat ze precies aansluiten op een aantal opgravingen die in de jaren ’60 en ’70 bij Hoogkarspel zijn gedaan. Toen werd er een compleet boerenlandschap van zo’n 3000 jaar oud gevonden. Honderden sloten, akkers en boerderijen kwamen aan het licht. Nu is de vraag hoe ver dit alles doorloopt buiten de opgravingen en in welke staat de archeologische resten zijn. De afgelopen weken is duidelijk geworden dat er tijdens de ruilverkaveling flink is huisgehouden op deze plek. Enkele restanten van de sloten zijn nog teruggevonden, maar lang niet zo veel als dat er in de jaren ’70 zijn gevonden. Dit is natuurlijk teleurstellend, maar het leert ons veel over de gevolgen van de ruilverkaveling en helpt ons om in de toekomst onnodig onderzoek op verstoorde plekken (en alle kosten die dat met zich meebrengt) te voorkomen.

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Één van de opgravingsputten bij Hoogkarspel tunnel. Op de voorgrond zijn twee donkere cirkels te zien. Dit waren mogelijk opslagplaatsen uit de bronstijd.

Opgraving bij Hoogkarspel tunnel. Op de voorgrond zijn twee donkere cirkels te zien. Dit waren mogelijk opslagplaatsen uit de bronstijd.

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Aan de Markerwaardweg zijn de archeologische resten beter bewaard. Hier zijn niet alleen de sporen bewaard gebleven, maar op sommige plekken zelfs nog het oppervlak waarop in de bronstijd geleefd werd. Dit oppervlak is duidelijk te herkennen in de bodem als een donkere, soms zelfs bijna zwarte laag. Ook zijn er enkele mooie vondsten gedaan op deze plek, zoals een complete koeienschedel en een houten constructie waarvan nog niet helemaal duidelijk is waarvoor het heeft gediend (hierover later meer). En natuurlijk zijn er ook weer akkersloten gevonden, want wat is een bronstijd opgraving in West-Friesland zonder akkersloten. Maar hier is wel iets aparts aan de hand. Normaal krioelen de sloten over elkaar heen in een grote wirwar, maar op deze plek vormen ze hele keurige, rechthoekige perceeltjes. Waarom dat hier zo is weten we nog niet, maar het laat wel zien dat niet in heel West-Friesland hetzelfde werd gedaan. De West-Friezen waren waarschijnlijk slim genoeg om op de lokale omstandigheden in te spelen.

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Een 3d-model van de doorsnede van de bodem aan de Markerwaardweg. De zwarte laag is het oppervlak waarop in de bronstijd geleefd werd.

 bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Nog een kaartje uit de keet.  Dit is een plattegrond met daarop alle sporen die aan de Markerwaardweg zijn gevonden. De blauwe banen zijn de akkersloten uit de bronstijd. Vooral in het bovenste gedeelte is te zien hoe mooi recht de akkers op deze plek zijn geweest.

Nog een kaartje uit de keet. Dit is een plattegrond met daarop alle sporen die aan de Markerwaardweg zijn gevonden. De blauwe banen zijn de akkersloten uit de bronstijd. Vooral in het bovenste gedeelte is te zien hoe mooi recht de akkers op deze plek zijn geweest.

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Toen we bij de Slimweg gingen kijken zagen we weer de oude vertrouwde wirwar aan bronstijd sloten. We kwamen op een gelukkig moment aan. Er was namelijk net een mooie vondst gedaan: een (bijna) complete aardewerken pot. En waarschijnlijk een hele bijzondere pot. Het lijkt er namelijk op dat deze pot te dateren is op de overgang van de midden naar de late bronstijd, zo rond 1000 v.Chr. In deze periode lijkt er in heel Europa plots van alles te veranderen: mensen gaan hun huizen anders bouwen, hun doden anders begraven, het aardewerk verandert en ook de metalen objecten. In West-Friesland zien we dit ook gebeuren. Daar gaan mensen op terpen wonen met daaromheen brede, diepe sloten die vol zitten met aardewerk dat veel fijner, mooier versierd en diverser is dan de potten uit voorgaande perioden. Maar dit soort veranderingen lijken plotseling te zijn gebeurd – en in heel Europa. De grote vraag is natuurlijk hoe en waarom. Vondsten die een overgang laten zien spelen een sleutelrol bij het oplossen van deze vragen, maar zijn erg zeldzaam. Deze pot van de Slimweg (en alles wat er mee samen is gevonden) zou ons weleens meer kunnen leren over deze periode!

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Plattegrond met opgegraven sporen van de Slimweg. De blauwe banen zijn de bronstijd sloten en in oranje zijn de plaatsen aangegeven waar boerderijen uit de bronstijd hebben gestaan. De groene cirkels zijn de opslagplaatsen die ook op de foto van Hoogkarspel tunnel zijn te zien.

Plattegrond met opgegraven sporen van de Slimweg. De blauwe banen zijn de bronstijd sloten en in oranje zijn de plaatsen aangegeven waar boerderijen uit de bronstijd hebben gestaan. De groene cirkels zijn de opslagplaatsen die ook op de foto van Hoogkarspel tunnel zijn te zien.

Één van de scherven van de kapotte, maar waarschijnlijk complete pot die is gevonden aan de Slimweg. Onderaan is de versiering te zien: een band van dunne krasjes.

Één van de scherven van de kapotte, maar waarschijnlijk complete pot die is gevonden aan de Slimweg. Onderaan is de versiering te zien: een band van dunne krasjes.

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Ten slotte kwamen we aan de bij de opgraving aan de Voetakkers bij Lutjebroek. Ook hier zagen we uiteraard weer de bekende sloten, maar ook de sporen van een bronstijd boerderij. Meestal is er van deze boerderijen vrijwel niets bewaard gebleven. Enkel de greppel die om het huis lag en de kuilen waarin ooit de palen stonden die het dak droegen. Deze kuilen zijn bijna altijd leeg, maar nu was er net iets leuks gevonden in zo’n kuil. Bovenin één van de kuilen was de poot van een hond gevonden. Vondsten uit de paalkuilen en huisgreppels laten zien hoe er in en rondom de boerderij geleefd werd en wat er gebeurde toen de boerderij werd verlaten. Hier is dus ooit een trouwe viervoeter (of alleen zijn poot) in een kuil van een paal terecht gekomen. Hoe en waarom is een raadsel…

bronstijd prehistorie archeologie noord-holland bronstijd prehistorie archeologie noord-holland

Een 3d-model van de paalkuil met bovenin het hondenpootje. (Let op: laden kan een tijdje duren)

Honkvast, die West-Friese boeren!

Tegenwoordig wordt West-Friesland gesierd door prachtige stolboerderijen. Maar stolpboerderijen zijn niet de enige fascinerende boerderijen in West-Friesland. Zo’n 3000 jaar geleden was West-Friesland een druk bevolkt gebied. Het gevolg hiervan is dat nergens anders in de wereld in zo’n klein gebied zoveel bronstijdboerderijen zijn gevonden! Er zijn al bijna 250 van deze boerderijen opgegraven. Hoe zagen deze boerderijen en erven eruit? Leken ze een beetje op de boerderijen van nu?

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie

West-Friesland is een goudmijn voor bronstijdarcheologie. De rode stippen op deze kaart geven de locaties van opgravingen weer, waar door archeologen bewoningssporen uit de bronstijd zijn gevonden.

West-Friesland is een goudmijn voor bronstijdarcheologie. De rode stippen op deze kaart geven de locaties van opgravingen weer, waar door archeologen bewoningssporen uit de bronstijd zijn gevonden.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Dit zijn hele interessante vragen, maar niet eenvoudig te beantwoorden. Archeologen hebben vooral in de jaren ‘60 en ’70 veel opgegraven in West-Friesland, om de sporen uit de bronstijd te redden van het ruilverkavelingswerk. Van die opgravingen is nog maar weinig onderzocht en opgeschreven, omdat de archeologen weer door moesten naar andere gebieden om archeologie te redden. Het eerste wat daarom moest gebeuren toen wij met ons onderzoek begonnen, was alle gegevens van de opgravingen bij elkaar zoeken en digitaal maken. Dit alleen heeft al enkele jaren gekost. Er moesten namelijk meer dan duizend opgravingstekeningen worden gescand en met de hand worden overgetrokken in een computerprogramma. Vervolgens zijn alle vondsten in een digitale catalogus beschreven en is hun vindplaats aangegeven op de digitale tekeningen.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Van links naar rechts is te zien hoe bronstijd sporen werden aangetroffen tijdens een opgraving (links), zijn opgetekend (midden) en uiteindelijk door ons digitaal zijn gemaakt (rechts). Dit is de opgraving Bovenkarspel-Het Valkje, bij het Streekbos.  Van deze opgraving zijn ongeveer 1000 tekeningen gescand en gedigitaliseerd. Bovenkarspel-Het Valkje leverde duizenden bronstijdsporen en vondsten op. Op de digitale tekening zijn de bronstijdboerderijen in rood weergegeven. De ondergrond bestaat uit zand (geel) en klei (blauw).

Van links naar rechts is te zien hoe bronstijd sporen werden aangetroffen tijdens een opgraving (links), zijn opgetekend (midden) en uiteindelijk door ons digitaal zijn gemaakt (rechts). Dit is de opgraving Bovenkarspel-Het Valkje, bij het Streekbos. Van deze opgraving zijn ongeveer 1000 tekeningen gescand en gedigitaliseerd. Bovenkarspel-Het Valkje leverde duizenden bronstijdsporen en vondsten op. Op de digitale tekening zijn de bronstijdboerderijen in rood weergegeven. De ondergrond bestaat uit zand (geel) en klei (blauw).

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

En zelfs toen we dit voor elkaar hadden waren we er nog niet. Het resultaat was namelijk een aantal enorme tekeningen met daarop een wirwar aan sporen. Een goed voorbeeld is de grote opgraving die in de jaren ’70 is uitgevoerd ten noorden van Bovenkarspel, bij Het Streekbos (de locatie staat bekend als Bovenkarspel-Het Valkje). De meeste sporen van deze opgraving dateren tussen 1500-1100 voor Chr. (de midden-bronstijd). In deze 400 jaar is er enorm veel gebeurd. Boerderijen zijn gebouwd, vergaan, gerepareerd, uitgebreid en verplaatst. Sloten zijn gegraven, dichtgeraakt, opnieuw uitgegraven en verlegd. Zo probeerden mensen hun huizen en akkers zo goed mogelijk te onderhouden en bewerken, al vechtend tegen weer en water. Als we naar sporen uit de bronstijd kijken zien we dus een heel menselijk bestaan, maar dan 3000 jaar geleden. En dit bestaan heeft een enorme brei aan sporen opgeleverd.

We hebben geprobeerd deze sporenbrei uit elkaar te trekken, zodat we kunnen zeggen welke boerderij of sloot de oudste en welke de jongste is. Dit kan bijvoorbeeld door te bekijken hoe sporen elkaar overlappen of ‘oversnijden’. Een andere manier is sporen dateren door te kijken naar de ouderdom van spullen of materiaal uit de sporen (bijvoorbeeld door een chemische analyse van houtskool). En zo zien we de bronstijd boeren werkelijk in actie en vechten voor hun bestaan, bijvoorbeeld wanneer we zien dat iemand zijn boerderij en erf heeft verplaatst omdat het te nat is geworden. We zoomen even in op de erven van Bovenkarspel-Het Valkje, zodat we kunnen zien wat zich op en rond de bronstijd boerderij heeft afgespeeld.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Een mooi voorbeeld van de sporen van een bronstijdboerderij. Van de boerderij resteert vaak alleen nog een dubbele rij kuilen van de dakdragende palen en een greppel rondom de plattegrond. De ingangen (bij de pijlen) zijn nog goed te herkennen door extra paalkuilen die dicht op elkaar zijn geplaatst en het dak moesten dragen. De kuilen van wandpaaltjes worden een enkele keer teruggevonden.

Een mooi voorbeeld van de sporen van een bronstijdboerderij. Van de boerderij resteert vaak alleen nog een dubbele rij kuilen van de dakdragende palen en een greppel rondom de plattegrond. De ingangen (bij de pijlen) zijn nog goed te herkennen door extra paalkuilen die dicht op elkaar zijn geplaatst en het dak moesten dragen. De kuilen van wandpaaltjes worden een enkele keer teruggevonden.

 

Een reconstructie van een boerderij uit de bronstijd. Het enige wat we bij opgravingen terug vinden zijn kuilen van de palen en de greppels rondom de huizen (hier niet weergegeven).

Een reconstructie van een boerderij uit de bronstijd. Het enige wat we bij opgravingen terug vinden zijn kuilen van de palen en de greppels rondom de huizen (hier niet weergegeven).

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Vandaag de dag wordt veel waarde gehecht aan de traditie van stolpboerderijen. In Bovenkarspel-Het Valkje zien we dat West-Friezen ook in de bronstijd heel traditioneel waren als het om de boerderijen ging. In de loop van de tijd zien we namelijk maar weinig veranderingen in de bouw van boerderijen. De boerderijen hadden een driebeukige indeling (twee rijen palen delen de boerderij in de lengte in drie delen) en het dak werd gedragen door een gebintconstructie (de balken van het dak worden gedragen door twee rijen palen met daarop dwarsbalken). Van de wanden is bijna nooit iets bewaard gebleven. Waarschijnlijk bestonden de wanden uit gestapelde zoden, soms geflankeerd door een rij ingeslagen paaltjes en vlechtwerk. De ingang van de boerderij bevond zich aan de korte kanten. Typisch voor de Westfriese bronstijdboerderijen zijn de greppels die altijd rondom het huis zijn gegraven. Hemelwater liep vanaf het met riet bedekte dak in deze greppels en zo werd de grond droog gehouden. In deze greppels vinden we meestal veel vondsten. Blijkbaar vonden mensen het een goede plek om hun afval weg te gooien.

Het waren flinke boerderijen die de Westfriese bronstijdboeren maakten. De lengte van de boerderijen van Bovenkarspel varieert van ongeveer 10 tot wel 25 meter! Mensen woonden dan ook niet alleen in de boerderij, ook het vee werd er ondergebracht. Een gebruik dat we ook kennen van de stolpboerderij. Vee was een kostbaar bezit en voorzag in allerlei behoeftes, denk aan vlees, melk, huiden, trekkracht en (vruchtbare) mest. Daarnaast zorgde vee onder dak voor warmte in het huis. Dat was handig, want ook in de bronstijd kon het in West-Friesland met een straffe wind behoorlijk guur zijn!

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie

Een typisch West-Fries gebruik. Als de bronstijdboerderij oud of vervallen was, werd een nieuwe boerderij regelmatig op bijna dezelfde plek gebouwd. Bij dit voorbeeld van Bovenkarspel-Het Valkje zijn vier opeenvolgende boerderijen teruggevonden. Hier is goed te zien dat de paarse boerderij jonger is dan de rode, die weer jonger is dan de blauwe. De paarse boerderij heeft een kleine uitbouw aan de noordkant, te herkennen aan de greppel die een stukje naar het noorden is verlegd.

Een typisch West-Fries gebruik. Als de bronstijdboerderij oud of vervallen was, werd een nieuwe boerderij regelmatig op bijna dezelfde plek gebouwd. Bij dit voorbeeld van Bovenkarspel-Het Valkje zijn vier opeenvolgende boerderijen teruggevonden. Hier is goed te zien dat de paarse boerderij jonger is dan de rode, die weer jonger is dan de blauwe. De paarse boerderij heeft een kleine uitbouw aan de noordkant, te herkennen aan de greppel die een stukje naar het noorden is verlegd.

 bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Een typisch West-Fries gebruik in de bronstijd was het herbouwen van boerderijen op dezelfde plaats. Als de boerderij oud of vervallen was, werd een nieuwe boerderij regelmatig op bijna dezelfde plek gebouwd. Buiten West-Friesland was dat anders. Daar werden boerderijen vaak na tientallen jaren verlaten en ging men op een andere plek wonen. Blijkbaar was men in bronstijd West-Friesland gehecht aan de plek waar men woonde. Ook dit zal een eigenaar van een stolpboerderij niet vreemd zijn: vaak zijn boerderijen al lang in het bezit van de familie en kent men de geschiedenis en verhalen rondom de boerderij op het duimpje.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

De bronstijdboerderijen laten dus zien dat sommige eigenschappen en gebruiken van boerderijen al lange tijd de streek typeren. Wil je meer weten over boerderijen uit de bronstijd? Download dan Wouter’s artikel. Of bekijk de reconstructie in het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen.

Stukjes Roemenië in West-Friesland

Als je plaatsnamen als Nibbixwoud en Westwoud hoort, dan verwacht je misschien een bos in de omgeving aan te treffen. Er staat ten slotte woud in de naam. Toch is het landschap rondom deze plaatsen behoorlijk kaal. In een ver verleden was dit wel anders. Zo’n 3000 jaar geleden was West-Friesland meer als… Roemenië.

archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Maar hoe weten we dit nou? Hoe krijg je nou een beeld van een landschap dat al zo lang niet meer bestaat? Het soort planten dat ergens groeit hangt sterk af van de grond waarop ze groeien. Je hoeft daarom maar een paar dingen te weten over de grond en je kunt zo voorspellen wat voor planten er gaan groeien – of er gegroeid hebben. Je hoeft enkel te weten wat de kwaliteit is van de bodem, wat de  grondwaterkwaliteit en- stand is, en hoe hoog het land ligt. Maar dit te weten komen is een tijdrovende klus.

archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Studenten plaatsen een boring aan de Rikkert bij Oosterdijk.

Studenten plaatsen een boring aan de Rikkert bij Oosterdijk.

Boorpuntenkaart van een deel van de boringen die zijn gebruikt voor de reconstructie van het landschap bij Westwoud.

Boorpuntenkaart van een deel van de boringen die zijn gebruikt voor de reconstructie van het landschap bij Westwoud.

 archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Het begint met een simpele tuinboor. Door een gat te boren en te kijken wat voor grond je opboort, krijg je een beeld van hoe de bodem is opgebouwd. Maar één boring is niet genoeg. Alleen al voor onze reconstructie van het landschap rondom Westwoud zijn maar liefst 2500 boringen nodig geweest, die stuk voor stuk moesten worden bestudeerd en ingevoerd in de computer. Hierbij is met name gelet op het kalkgehalte, de afslibbaarheid en het humusgehalte van het oppervlak waarop in de Bronstijd geleefd werd. Dit oppervlak is in de boringen heel herkenbaar als een donkere, bijna zwarte laag.

De hoogte van het land is terug te vinden in het Actueel Hoogtebestand van Nederland (AHN). Dit zijn hoogtematen die met een vliegtuig van elke vierkante meter in Nederland zijn genomen. Van duizenden hoogtematen hebben we een hoogtekaart van West-Friesland kunnen maken.

Ten slotte konden we aan de hand van slakjes en schelpen uit Bronstijd sloten zien wat de waterdiepte en -kwaliteit in de sloten en greppels is geweest. Een heel karwei om dit voor elke opgraving te doen. Gelukkig hebben we hierbij veel hulp gehad van onze student, Nandi Mink.

Met al deze ondergrondgegevens kunnen we voorspellen welke plantengemeenschappen (bijvoorbeeld een eiken-beukenbos of een wilgenbroekstruweel) er in het verleden op een bepaalde plaats konden groeien. Vaak zijn er meerdere mogelijkheden. Met de gevonden plantenresten kunnen we vaststellen welke plantengroepen er daadwerkelijk waren. Op deze manier hebben we het bronstijd landschap aan kunnen kleden met planten.

archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Verdronken land van Saeftinghe

Het landschap ten westen van Hoogwoud zag er 3000 jaar geleden uit zoals het huidige Verdronken land van Saeftinghe in Zeeland.

Voorbeeld van een reliëf reconstructie van enkele percelen in West-Friesland met behulp van het AHN bestand. Het maximale hoogteverschil in deze percelen is circa 50 cm (rood is hoog, groen is laag). In het kronkelige patroon is duidelijk het kwelder landschap terug te zien.

Voorbeeld van een hoogtekaart van enkele percelen in West-Friesland met behulp van het AHN bestand. Het maximale hoogteverschil in deze percelen is circa 50 cm (rood is hoog, groen is laag). In het kronkelige patroon is duidelijk het kwelder landschap terug te zien.

 archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Maar om echt een goed beeld te krijgen van de natuur in de bronstijd is het handig om een kijkje te nemen naar vergelijkbare landschappen van vandaag de dag. Nederland heeft enkele mooie plekken waar landschappen zoals deze in de bronstijd hebben bestaan, nog goed te zien zijn. Rondom Hoogwoud zag het er bijvoorbeeld uit zoals het wad en kwelder van het Verdronken Land van Saefthinge in Zeeland. Maar ten oosten van Hoogwoud zag het land er heel anders uit. Ooit was ook dit een kwelder, maar in de bronstijd was het een zoetwatergebied geworden. Dit soort landschap is helaas nergens meer te zien in Nederland. Hoewel Nederland een waterrijk land is, missen we juist goede voorbeelden van natuurlijke waterrijke milieus. Daarom hebben we een tocht naar Roemenië gemaakt. In de delta van de rivier de Donau zijn namelijk nog wel plekken die lijken op hoe oostelijk West-Friesland er 3000 jaar geleden uitzag.

 archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

In de lage, natte delen groeiden Elzenbroekbossen.

In de lage, natte delen groeiden elzenbroekbossen.

Roemeens rundvee in een wilgenvloedbos. In de late bronstijd kwamen de lage delen permanent onder water te staan. Het elzenbroekbos schoof op en aan de randen van het water groeide een wilgenvloedbos.

Roemeens rundvee in een wilgenvloedbos. In de late bronstijd kwamen de lage delen van het land permanent onder water te staan. Het elzenbroekbos schoof op en aan de randen van het water groeide een wilgenvloedbos.

archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Oostelijk West-Friesland was toen niet vlak. Het landschap werd doorkruist met hogere ruggen. Deze ruggen waren hooguit een meter hoog, maar dit kleine hoogteverschil was genoeg om verschillende soorten bossen en planten te laten groeien. In de lage, natte delen, tussen de ruggen, lagen elzenbroekbossen. Toen op het einde van de bronstijd het landschap steeds natter werd, stonden deze plekken voortdurend onder water en kon er geen bos meer groeien. Aan de rand van het water ontstond een wilgenvloedbos en het elzenbroekbos kwam iets hoger te liggen.

 archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Op de flanken van de ruggen stond een ooibos met onder andere de es.

Op de flanken van de ruggen stond een ooibos met onder andere de es.

archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Nog wat hoger op de ruggen groeiden ooibossen, dit zijn moerasbossen die regelmatig onder water stonden. Hier groeiden onder andere es, eik en iep. Op de hoogste delen was de grond uitermate geschikt voor een eikenbos. Toch weten we uit de gevonden plantenresten dat dit er nooit gestaan heeft. We vinden namelijk alleen grassen en akkeronkruiden. Bovenop de ruggen werd er door mensen volop geakkerd en geweid. De West-Friezen werkten in de bronstijd blijkbaar zo hard dat de natuur op de ruggen geen kans kreeg. Oostelijk West-Friesland was 3000 jaar dus een zee van laaggelegen bossen met daardoorheen hoger gelegen banen van akkers en weiden.

archeologie bronstijd west-friesland prehistorie archeologie bronstijd west-friesland prehistorie 

Bovenop de ruggen had een eikenbos als dit moeten staan. Maar door het harde werken van de West-Friezen was het een open strook met weiden en akkers.

Bovenop de ruggen had een eikenbos als dit moeten staan. Maar door het harde werken van de West-Friezen was het een open strook met weiden en akkers.

 

"Hard" aan het werk tijdens onze expeditie naar Roemenië.

“Hard” aan het werk tijdens onze expeditie in Roemenië.

Doden op West-Friese Akkers

5000 jaar geleden gebeurde er iets bijzonders in Europa. Plots besloten mensen overal, van Engeland tot in Rusland, de doden te begraven onder heuvels. Grafheuvels. Een manier van begraven die duizenden jaren in gebruik bleef, tot in de vroege middeleeuwen. En tegen de tijd dat mensen niet langer op deze manier werden begraven lag het landschap van Europa bezaaid met miljoenen grafheuvels.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie

Alle bekende Deense grafheuvels. In Denemarken zijn grafheuvels veel beter bewaard gebleven en gedocumenteerd dan in Nederland. In totaal zijn er bij 90.000 grafheuvels bekend. Ooit is heel Europa zo dicht bedekt geweest met grafheuvels.

Alle bekende Deense grafheuvels. In Denemarken zijn grafheuvels veel beter bewaard gebleven en gedocumenteerd dan in Nederland. In totaal zijn er bijna 90.000 grafheuvels bekend. Ooit is heel Europa zo dicht bezaaid geweest met grafheuvels.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

In West-Friesland was het niet anders. In totaal zijn er 176 grafheuvels uit de streek bekend, maar ongetwijfeld zijn er veel en veel meer geweest. De meesten van deze heuvels zijn tijdens de ruilverkaveling vernietigd, maar de graven en resten van de heuvels liggen nog overal onder onze voeten. De jongens van de Grootebroekse voetbalvereniging De Zouaven spelen hun wedstrijden bij de resten van grafheuvels en veel woonwijken, zoals de nieuwe wijk Kadijken bij Enkhuizen, liggen bovenop deze prehistorische rustplaatsen. Je zou dus kunnen zeggen dat grafheuvels één van de meest kenmerkende vormen van archeologie voor de streek zijn, want ze liggen werkelijk overal.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Een luchtfoto van een akker naast VV De Zouaven. De donkere, cirkelvormige verkleuringen zijn de resten van prehistorische grafheuvels.

Een luchtfoto van een akker naast VV De Zouaven. De donkere, cirkelvormige verkleuringen zijn de resten van prehistorische grafheuvels.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Het zijn ook nog eens de plaatsen waar de vroegste bewoners van de streek voor altijd onderdeel werden van de West-Friese bodem. De bodem die zij als eerste bewerkten. Door de heuvels bleef deze band met het West-Friese land zichtbaar voor alle generaties na hen. Voor de ruilverkaveling waren de grafheuvels dan ook een bekend gezicht in de vaarpolder. Op veel akkers lagen wel één of meerdere van deze bulten.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Een voorbeeld van hoe grafheuvels in het land lagen voor de ruilverkaveling. Dit is een heuvel bij Zwaagdijk (te zien op de achtergrond).

Een voorbeeld van hoe grafheuvels in het land lagen voor de ruilverkaveling. Dit is een heuvel bij Zwaagdijk (te zien op de achtergrond).

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

In de bronstijd, toen de meeste van deze heuvels werden gebouwd, was dat niet anders. Ook toen lagen de grafheuvels op en tussen de akkers en boerderijen. En dat maakt de West-Friese grafheuvels nou zo interessant, want op de meeste andere plekken lagen grafheuvels op meer afgelegen plaatsen zoals heiden en graslanden. Blijkbaar hadden mensen in West-Friesland hun eigen ideeën over waar een grafheuvel hoorde te liggen. Dit kan ons veel leren over de betekenis van grafheuvels en hun rol in de inrichting van het landschap. En daarmee over het plots verschijnen van grafheuvels over heel Europa. Het kleine West-Friesland kan zo dus een grote rol spelen in het verhaal van de Europese prehistorie.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Een plattegrond van een opgraving bij de nieuwe woonwijk Kadijken, Enkhuizen. In grijs zijn de bronstijd akkersloten weergegeven, in rood de plattegronden van bronstijd boerderijen en midden tussen de akkers ligt een grafheuvel (rode ster).

Een plattegrond van een opgraving bij de nieuwe woonwijk Kadijken, Enkhuizen. In grijs zijn de bronstijd akkersloten weergegeven, in rood de plattegronden van bronstijd boerderijen en midden tussen de akkers ligt een grafheuvel (rode ster).

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Uit opgravingen weten we dat de grafheuvels boven op akkers zijn gebouwd, omdat onder de heuvels vaak nog ploegsporen liggen. Aan de voet van grafheuvels werden vaak ondiepe slootjes gegraven. Deze slootjes gingen op in het stelsel van diepe sloten dat rondom de akkers en weides lag. De grafheuvels waren dus letterlijk onderdeel van het land. Een West-Fries die 3000 jaar geleden zijn akker aan het ploegen was of zijn koeien naar het veld bracht, werd zo voortdurend herinnerd aan de lui die voor hem op dezelfde grond hadden geleefd en gewerkt. Vandaag de dag weten mensen vaak nog heel goed te vertellen van wie hun grond vroeger is geweest, maar in de bronstijd gaven mensen zulke herinneringen en verhalen een duidelijke vorm met de heuvels. Langs de sloten en grafheuvels lopend werd men langs het verleden van het land geleid, soms vrij letterlijk, zoals in Grootebroek, waar twee sloten de toegang tot een grafheuvel vormden.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Twee sloten (donkere banen vooraan op de foto) leiden naar een grafheuvel. Tussen de sloten zijn ronde paalgaten te zien. Blijkbaar is de toegangsweg ooit geblokkeerd. Een kwart van de heuvel is opgegraven. Op deze manier is mooi een doorsnede van de heuvel te zien.

Twee sloten (donkere banen vooraan op de foto) leiden naar een grafheuvel bij Grootebroek. Tussen de sloten zijn ronde paalgaten te zien. Blijkbaar is de toegangsweg ooit geblokkeerd. Een kwart van de heuvel is opgegraven. Op deze manier is mooi een doorsnede van de heuvel te zien.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

In West-Friese grafheuvellandschap waren het begraven en herdenken van de doden en landbouw en veeteelt dus nauw met elkaar verbonden. De West-Friese bronstijd boeren werden begraven bij hun land en vee. Die band was zelfs zo sterk dat het vee en land vaak letterlijk onderdeel werden gemaakt van de grafheuvels. De heuvels werden namelijk gebouwd van plaggen, oftewel zoden van het land waar de dode zijn leven lang hard op had gewerkt. In de sloten aan de voet van de heuvels werden vaak de botten van koeien geofferd, vooral de horens en schedels. Er lag bij Bovenkarspel zelfs een grafheuvel waarin geen graf is aangetroffen, maar precies midden in de heuvel een klein potje met de rib van een koe erin.

Grafheuvels herinnerden mensen dus aan de degenen die voor hen in de streek hadden gewoond en gewerkt. Maar als een grafheuvel eenmaal was opgeworpen lag hij daar voor de eeuwigheid en na verloop van tijd wisten mensen niet precies meer wie er nou onder die ene heuvel lag. Verhalen zullen er desondanks geweest zijn en juist door deze verhalen zorgden de grafheuvels ervoor dat mensen een gemeenschapsgevoel en band met bepaalde gronden kregen. Als je van een bepaalde plek kwam kende je namelijk de verhalen van de heuvels en het land, verhalen die mensen van buiten niet kenden. Vandaag de dag kennen we dit nog steeds: mensen uit het dorp kennen vaak het verhaal van wat er bij die ene boerderij, kerk of waterloop is gebeurd (ook al weet niet iedereen meer hoe het nou precies zat) en mensen van buiten het dorp niet.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Opgravingen bij de watertoren van Hoogkarspel (blauwe ster). De rode sterren zijn grafheuvels. De zwarte lijnen zijn akkersloten uit de bronstijd (in de westelijke helft zijn enkel de heuvels en niet de sloten opgegraven). De grafheuvels liggen tussen de akkers en vormen samen één lange lijn van heuvels. De meest oostelijke heuvels liggen momenteel onder het Om de Noord complex.

Opgravingen bij de watertoren van Hoogkarspel (blauwe ster). Op de achtergrond is in het geel een zandrug te zien. De rode sterren zijn grafheuvels. De zwarte lijnen zijn akkersloten uit de bronstijd (in de westelijke helft zijn enkel de heuvels en niet de sloten opgegraven). De grafheuvels liggen tussen de akkers en vormen samen één lange lijn van heuvels. De meest oostelijke heuvel ligt momenteel onder het Om de Noord complex.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Er waren nog andere manieren om met grafheuvels de band met een plek en gemeenschap te benadrukken. Zo kon je je overleden ouders, grootouders of kinderen begraven in een bestaande heuvel. Of je kon ze begraven onder een nieuwe heuvel die aansloot bij een groep bestaande grafheuvels. Zo ontstonden lange rijen heuvels, zoals bij Hoogkarspel het geval was. Op deze manier vonden mensen letterlijk aansluiting bij de voorouders van het land. Grafheuvels waren zo dé manier om te laten zien dat je hart bij de streek ligt.

bronstijd archeologie west-friesland prehistorie  bronstijd archeologie west-friesland prehistorie 

Maar wat voor mensen lagen er onder deze heuvels? Daarover vertellen we binnenkort meer op deze blog.

Older posts
www.scriptsell.net